vrijdag 3 april 2015

Marsa Fijab II 3 en 4 april

Een Marsa is een smalle baaiachtige uitsparing in de woestijn waarin je met een boot lekker rustig kan liggen, afgeschermd van de zee, maar niet echt van de wind. Het is een heel aparte ervaring om zo  met je bootje midden in de woestijn te liggen en  een gaaf zicht om kameelkaravanen voorbij te zien trekken.



We blijven hier nog twee volle dagen waarvan we de eerste dag gebruiken om het onderwaterschip zuiver te krabben. En om eerlijk te zijn valt de aangroei aan de romp veel beter mee als we verwacht hadden. Zeker als je er rekening mee houdt dat de antifouling ondertussen al 17 maanden oud is.



De volgende morgen krijgen we bezoek van een jonge Soedanese visser die al zijn tweede poging waagt om tot bij ons te geraken. De eerste poging (gisteren) was mislukt wegens teveel wind waartegen hij niet op kon met zijn oud, log en zwaar bootje en 1 stok in plaats van een paar degelijke roeispanen. Hij schenkt  ons een paar vers gevangen visjes en nodigt ons uit in zijn dorp. Tegelijkertijd polst hij eens of hij geen zaken kan doen wat betreft verse proviand en vraagt verlegen of we zijn gsm kunnen opladen. Nu dat laatste verstaan we helemaal verkeerd en pas bij de volgende vissers in de volgende baai begrijpen we wat hij wilde vragen. Wanneer hij  geïnteresseert kijkt naar onze oude buitenboordmotor en vraagt hoeveel zo’n motorke bij ons kost, haalt Dirk het kreng dat eigenlijk lelijk in onze weg hangt en aan het verkommeren is (sinds we de nieuwe Tohatsu gekocht hebben) van de reling en verkoopt het hem voor 10 visjes. Dirk vertelt erbij dat het oud is en moet gereviseerd worden, maar  dat is dik in orde voor de visser. Hij is zo blij dat hij vanaf nu dieper in zee kan gaan vissen en met een grotere vangst kan thuiskomen. Voor hij weer wegroeit spreken we af dat we ’s middags aan land gaan en samen naar zijn dorp zullen wandelen om verse broodjes te kopen.



Als we ’ s middags dan naar de kant gaan is onze visser in heinde nog verre te bespeuren. Die is met zijn nieuwe aanwinst naar Port Sudan gegaan om het als nieuw te herstellen, vertelt zijn vriend ons met handen en voeten. Hamsi spreekt geen woord Engels maar hij heeft toch de opdracht gekregen om ons op te vangen en rond te leiden.  Hamsi neemt ons mee blokje rond maar een dorpje of een bakker zien we niet. Dat is veel te ver weg zegt hij ons. Nu ja, het maakt niet uit want ik had de wandeling zeker niet willen missen. Zo’n woestijn is toch even iets anders als de jungle waarin we de laatste jaren hebben in rondgelopen. Het is stikheet en we worden bijna uit onze slippers geblazen door een warme  kurkdorge wind. Net alsof we in een heteluchtoven zitten en langzaam gaar worden gebakken.




















donderdag 2 april 2015

Marsa Fijab 2 april 2015

In plaats van de hele nacht wakker te liggen uit vrees dat we zouden gaan krabben, hebben we een halve nacht wakker gelegen met de vraag hoe we dat tweede anker weer aan boord moeten krijgen.

We hebben afgesproken om om 6 uur s morgens te vertrekken en om zeker op tijd te zijn beginnen wij om kwart na 5 al het tweede anker binnen te halen. Zoals we gevreesd hadden gaat die niet simpel. Ons reserve anker is een Danforth van 28 kg met 20 meter ketting en 20 meter koord. Nu blijft de koord ergens achter een koraalkop hangen en met de beste wil van de wereld krijgen we het anker niet opgewinched. Dirk probeert het daarop met de hand boven te krijgen, maar door de wind staat er zoveel spanning op de koord dat we zelfs met vereende krachten niet sterk genoeg zijn.  We trekken en sleuren en leggen uiteindelijk de ankerkoord op de winch in de kuip en zetten de motor langzaam bij, maar ook zo lukt het niet. Als we het bijna opgeven en eigenlijk al met pijn in het hart besloten hebben om de koord door te snijden en het anker te laten gaan, wagen we toch nog eens een laatste poging en yesss, het anker komt binnen.


Uiteindelijk is het kwart voor zeven wanneer we het Sanganeb Reef uitvaren en koers zetten naar Marsa Fijab. De eerste helft van de trip kruisen we weer hoog aan de wind op, maar de laatste 14 mijl zijn recht in de wind en doen we  dan alleen op de motor. We komen wel mooi op tijd aan, net wanneer de zon op zijn hoogtepunt staat en de riffen goed zichtbaat zijn.  En al goed, want de C-map kaarten zitten er ver naast. Maar als ik de mast inkruip en op de eerste zaling ga zitten heb ik een fantastich zicht en is het geen probleem om ons moeiteloos door het rif te loodsen.




woensdag 1 april 2015

Sanganeb Reef 1 april 2015

We hebben een route langs de kust van Soedan uitgestippeld, binnen het rif,  van 12 dagtochten. We hebben erop gelet dat de ankerplaatsen niet te ver uit elkaar liggen, zo rond de 22 nm, met de bedoeling om  ’s morgens vroeg te vertrekken en aan te komen rond 13.00 a 14.00 in de vroege namiddag. Net wanneer de zon het hoogste staat en we de ingang van de ankerplekjes goed kunnen spotten.

Zoals gepland vertrekken we bij het eerste daglicht en als het lukt willen we een ankerplek overslaan. Of ’t is te zeggen, Werner vind 17 nm zeilen op 1 dag nogal weinig. Maar het lukt niet. Om 1 uur s’ middags hebben we 27.5 nautical mijl afgelegd (opkruisen hé) en zijn we net aan de plek die we eventueel zouden overslaan. Volgende stop is nog eens 20 mijl (in rechte lijn) en daar willen we op dit uur niet meer aan beginnen. De Fee volgt ons dan maar met tegenzin het Sanganeb Reef in maar wij vinden dit echt een wauwww! plekje, alleen spijtig dat er zoveel golfslag staat en we er bijgevolg niet zo tuk op zijn om te gaan snorkelen. Ook worden hier al eens hamerhaaien, een van de zeildzame soort haaien die mensenvlees lusten gesignaleerd en die wetenschap helpt ook niet  echt om een verfrissende duik in het water te nemen. Een dinghy ritje naar de vuurtoren en van daaruit foto’s maken wordt  zeer aangeraden en daar beginnen we ook aan, maar  halverwege moeten we terugkeren omdat de motor van onze bijboot niet opgewassen is aan de ‘vrij krachtige wind’ (5 Bf) en de daarbij horende golven.


Hoewel we veilig liggen, wipt onze Narid  enorm  op de golven en Dirk is er niet helemaal gerust op.  Als het anker moest beginnen krabben hebben we namelijk niet zoveel tijd om te reageren voordat we op het rif liggen en om een beetje gerust te kunnen slapen gooien we een tweede anker uit.


dinsdag 31 maart 2015

Towartit Reef 31 maart 2015

Om half zeven gaan we ankerop voor het Towartit Reef zo’n 27 nm ten noorden van Suakin. We volgen de Fee naar buiten door de nauwe havendoorgang en zien de Fee, die in de smalle doorgang uitwijkt voor een klein motorscheepje het rif opvaren. In plaats van meteen de motor  in achteruit te zetten zodra ze grond voelen onder de kiel, duwt Werner nog een streepje bij zodat ze lekker vast zitten.  Wij kunnen niets anders doen dan doorvaren maar draaien ons meteen aan het einde van de doorgang  weer om en gaan terug, kijken of we hen kunnen helpen. De Fee hier helpen is niet zo evident, ten eerste is de doorgang veel te smal om er met een zeiljacht te manoevreren en iets te kunnen doen zonder zelf op het rif uit te komen en ten tweede is de Fee veel te zwaar (20 ton) voor ons om los te trekken. We varen dan maar terug de havenkom binnen, laten het anker vallen en Dirk springt de dinghy in om te proberen de  Fee met anker en bijboot  van het rif te trekken. Ondertussen heeft een vissersbootje al geprobeerd om Fee te bevrijden, maar  die zit zo vast dat er geen milimeter beweging in te krijgen is. Het anker uitgooien en zichzelf zo van het rif trekken lukt ook langs geen kanten...Een paar Soedanezen in een 4x4 Jeep aan de kant  zien ons sukkelen en willen ook  wel eens proberen of het hen niet  lukt en dat had waarschijnlijk gelukt, tenminste als Werner hen een goede en stevige lijn had gegeven. Maar Werner wilt geen meertouw of stevige koord van hemzelf laten gebruiken en de lijn die de vissers aan de mannen in de Jeep geven is niet sterk genoeg en net wanneer  er bijna beweging in de boot komt en de spanning op de koord enorm is, breekt de lijn. Na bijna 2 uur trekken en sleuren aan de Fee zonder resultaat komt Mohamed, de man die in Suakin optreedt als agent voor de yachties (en volgens mijn persoonlijke mening de eerste piraat is die we zijn tegengekomen, maar daarover sebiet meer) eens kijken en regelt dat de Port Authorities komen met een sleepboot. Met een goed stevig touw en een boot met heel krachtige motor, veel lawaai en veel doemp, lukt het uiteindelijk om de Fee weer drijvende te krijgen. Het heeft wel 3 uur geduurd  en 100 $ gekost voor de sleepboot (of voor Mohamed?) maar we kunnen vandaag  toch nog weg.



Om 10.40 gaan we dan nog eens ankerop en tegen dat we de haven buiten zijn waait het dan rond de 20 knopen op onze neus. Op het juiste moment aankomen, namelijk wanneer de zon hoog staat en de riffen goed zichtbaar zijn kunnen vergeten vandaag maar ankeren voor het donker zouden we toch wel graag doen.  Maar daarvoor moeten we de motor bijzetten want op zeil alleen geraken we niet hoog genoeg aan de wind om op te kruisen in de huidige omstandigheden. Bij de 27 nautical mijl die we in rechte lijn gemeten hadden tikken er dan ook 10 nm bij en die maken we op het nippertje net voor de avond invalt. Eigenlijk veel te laat om een mooi ankerplekje te vinden  want we kunnen niks meer zien in het water en laten het anker dan ook maar vlak aan het begin van het rif vallen waar we alles  behalve ideaal liggen. Niet echt goed beschermd in tamelijk wat wind (er staan nog altijd 20 knopen wind) en tussen de schuimkopjes.



Mohamed
Vroeger kon je zelf inklaren in Suakin, maar tegenwoordig wordt je verondersteld om dat via Mohamed te doen. Hij vraagt ons eerst 130 USD om onze papperassenwinkel in orde te brengen (wat volgens ons een nogal dubieus gebeuren is omdat we geen stempel krijgen in ons paspoort) maar omdat we vertellen dat we vrienden zijn van het zeiljacht ‘Donna’ die hier 1 maand geleden heeft ingeklaard en maar 100 $ moest betalen, zakt hij zonder verder te onderhandelen met zijn prijs.  Ook de diesel die hij levert wordt gelijk  0.10 $ de liter goedkoper! Met zijn perfecte beheersing van de Engelse taal en zijn zeer verzorgd uiterlijk ziet hij er misschien wel betrouwbaar uit, maar als je hoort hoeveel geld hij bij onze Amerikaanse collega zeilers heeft losgepeuterd, dat houdt ge niet voor mogelijk!




zondag 29 maart 2015

PORT SUDAN 29 maart 2015


We trekken er een dag op uit naar Port Sudan, niet zozeer omwille van de bestemming maar eerder om de reis ernaartoe. We zijn eigenlijk gewoon nieuwsgierig naar hoe Soedan eruitzien en de 60 km naar Port Soedan is natuurlijk maar een piepklein stukje in een land dat 1.861.484 km2  groot is,maar het is toch in elk geval meer dan niks.

We nemen de minibus en als die vol is vertrekt die en als die té vol is...ja, dan wacht je gewoon tot de volgende bus, wat wij dus doen. Als de 19 zitjes bezet zijn en de gaatjes hier en daar  gevuld, zijn we der mee weg. Hoewel we in de verte een bergketen zien is de weg naar Port Soedan recht en plat. Onderweg zien we veel geiten en kuddes kamelen en dat laatste is in het begin toch wel een ongewoon gezicht. We passeren nederzettingen van kleine houten huisjes allemaal omheind met een hek en ook tentenkampen. Alhoewel ‘tent’ hier misschien wel een groot woord is. Het zijn eigelijk gewoon palen in de grond gestampt en met stof of dekzeil omwikkeld. Of deze mensen nog echt nomaden zijn weten we eigenlijk niet, maar we zien regelmatig grote 4x4 terreinwagens voorbijrijden die hun dak volgestapelt hebben met valiezen. Verder is het landschap kaal met hier en daar een moedige struik die wat kleur in de omgeving probeert te brengen en af en toe een palmboom.



Na iest meer dan een uurtje komen we aan in Port Sudan, een grote drukke stad. Niet mooi en er valt niets cultureels te zien, maar een echte noordafrikaanse stad met zijn typische marktjes en winkeltjes en toch wel de moeite om eens gezien te hebben. Ik denk trouwens dat als je je weg hier kent, je hier alles kan vinden wat je maar nodig hebt. Wij vinden hier zelfs een pot Nutella!






woensdag 25 maart 2015

SUAKIN 25 TOT 30 MAART 2015

We zijn precies in een sprookje beland. Of beter nog, een oude legende.
We liggen helemaal achter in de haven geankerd, vlak naast de oude stad. Ooit een drukke metropool  geweest met prachtige huizen gebouwd uit koraalstenen, nu helemaal  vervallen tot een ruïne maar  met een mystieke charme.
Suakin was eeuwenlang een belangrijk handelsknooppunt aan de oostkust van Afrika en tot 95 jaar geleden was de stad het eindpunt voor karavanen uit de binnenlanden van Afrika, die ivoor, struisvogelveren, Arabische gom, goud en slaven naar de haven brachten waar schepen en galeien uit Europa, India, Arabië en Abessinië hen opwachtten. Het grote geld werd echter niet met goederen, maar met slaven verdiend. Hoewel Engeland en Egypte hadden toegezegd de slavenhandel te zullen uitroeien, trokken handelaren en overheidsdienaren tot in de hoogste regionen zich daar weinig van aan. Om lastige vragen te omzeilen en het betalen van belasting te ontduiken werden slaven regelmatig ingescheept als pelgrimsgangers en zo duurde de illegale handel voort tot in de vorige eeuw.  Maar rond 1920 kwam daaraan een eind. Handelaren, bankiers en rederijen verlieten hun prachtige herenhuizen en kantoren van koraal om zich te vestigen in de nieuw aangelegde havenstad Port Sudan, zestig kilometer verderop. Daar was het water dieper en konden grote schepen makkelijker aanmeren.
Treinen en vliegtuigen verdrongen de traditionele kamelenkaravanen en zo raakte Suakin haar belangrijke rol in het handelsverkeer helemaal kwijt. Na de sluiting van het haveneiland kregen zilte zeelucht, regen en wind er vrij spel. Beschermend pleisterwerk viel van de prachtige en rijk versierde huizen waardoor de koraalstenen muren in zeer snel tempo verpulverden. Ook sloopten mensen de leegstaande huizen om het bouwmateriaal opnieuw te gebruiken.



We wandelen van Suakin naar de nieuwe stad in de woestijn via Geyf, het stadje aan de wal waarin Suakin in zekere zin nog voortleeft. Geyf is net als Suakin vervallen maar het is niet verlaten. Hier  staan tussen de ruïnes hutjes , in elkaar getimmerd uit rotzooi en golfplaten en wonen de mensen in de schaduw van de ooit welvarende stad. Het enige dat  overeind is blijven staan of door de jaren heen werd onderhouden zijn de moskeën en overal tussen het puin zie je trotse minaretten uitsteken. 
Het straatbeeld bestaat uit mannen gekleed in lange witte katoenen jurken met daaronder een ouderwetse pyjamabroek uit hetzelfde witte katoen en een donkergrijs of zwart gilletje erover. De meeste mannen hebben op hun zwarte kroeshaar een lang wit opgerold doek gewikkeld, een beetje zoals een tulband, om zich te beschermen tegen de brandende zon. In de voornamelijk mannelijke wereld zien we enkele vrouwen volledig ingewikkeld in een lange doek dat elk stukje bloot vel bedekt, maar met hun gezicht vrij en hun ogen prachtig  gemaquilleerd met zwarte khol.
In de stoffige zandstraatjes waar in de weide omtrek geen sprietje gras of toefke groen valt te bespeuren zien we veel geiten gewoon door te stad dwalen, enorm veel katten en geen enkele hond.
Ezelskarren voortgetrokken door uitgemergelde ezeltjes die soms urenlang in de blakende zon staan te wachten op hun meester, af een toe een kameel, taxi’s , autorickshaws (dezelfde Piaggio driewielers als in Indië), oude gammele auto’s, gloednieuwe pickup’s en minibusjes die bijna uit elkaar vallen.





 In de nieuwe stad, bestaande uit saaie betonnen huizen niet hoger dan 1 verdiep, vinden we de versmarkt en hoewel de varieteit aan groenten niet zo groot is kunnen we toch onze lege proviandkasten weer  voldoende aanvullen. Rond de markt zijn verschillende kleine winkeltjes en die zijn verrassend goed opgestockt. We hadden nooit verwacht hier in Suakin een pot mayonaise te vinden of erwtjes in blik!
Lunchen doen we in een lokaal eettentje en we nemen de menu van de (alle) dag: bruine bonen gestoofd en op smaak gebracht met olie, geraspte geitenkaas en nog wat onbeduidens , maar het smaakt zeker niet slecht.  De pitta broodjes die we erbij krijgen zijn trouwens heerlijk en wel zo handig want het is toch niet zo simpel om zonder bestek bonen te eten. ‘Ons Ma had vroeger niet zo streng moeten zijn als ik met mijn vingers in mijn eten zat’ mompeld Dirk tijdens de lunch ‘dat had vandaag goed van pas gekomen als ik vroeger wat meer had kunnen oefenen’.
De laatste zeven jaar hebben we al veel gezien en hebben we ons als dikwijls verbaasd hoe mooi of hoe anders de wereld er  soms uitziet, maar Suakin is wel echt een plekje apart. Ik kan het niet beter verwoorden als Thomas Siffer  schreef over Suakin   “ we zijn nog nooit zo ver van huis geweest”.
 




 






zaterdag 21 maart 2015

21 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 22


Positie: 18°15.27 N – 038°17.95 E                             
2527 nm afgelegd

Eindelijk! Na 22 dagen komen we aan in Sudan. De eerste baai die we tegenkomen, Khor Narawat lopen we binnen om eerst te vieren dat we door de Golf van Aden zijn geraakt en dan om eens lekker uit te slapen.


In de Khor ligt een bootje met 8 man aan boord en een machinegeweer op de boeg die meteen naar ons toe komt varen. Ze volgen ons tot we gankerd liggen. Het is wel eventjes slikken, zo ver gekomen zijn en dan misschien toch nog in problemen geraken... maar ze zeggen navy te zijn alhoewel ze in burger gekleed zijn. Ze willen een crewlist van ons en stellen een paar vragen. Op het laatste zeggen ze dat we hier veilig zijn en dat ze ons beschermen.


Het was een lange en zeer stressvolle passage en we zijn ontzettend blij dat we ze achter de rug hebben. En hoewel we van mening zijn dat de piraten tegenwoordig wel heel frank moeten zijn om nog een schip te overvallen, was het toch spannend in de Golf van Aden en nog spannender in de Arabische zee, want daar denken we dat de piraten nog wel altijd vrij spel hebben.

donderdag 19 maart 2015

19 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 20


Positie: 15°15.40 N – 041°32.05 E                             
2244 nm afgelegd


Voor de kust van Eritrea passeren ons zeker 10 of meer skiffs met veel volk in, maar ze blijken geen interesse voor ons te hebben. Uitgezonderd 1 skiff dat wat dichter komt kijken veranderen ze allemaal hun koers voor ons. Waarschijnlijk hebben we zelfs de helft van de skiffs niet gezien  want in deze hoge golven zijn ze heel moeilijk te spotten. Het waait ondertussen iets minder hard, maar de zee is bijlange na nog niet gekalmeerd.

woensdag 18 maart 2015

18 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 19


Positie: 13°12.38 N – 043°03.52 E                             
2091 Nm afgelegd

Om 2 uur deze morgen worden we letterlijk de Rode Zee ingeblazen. We hebben een hoge zee, golven tussen de 6 en 8 meter en windkracht 8, maar gelukkig alles vanachter. Voor de eerste keer in ons zeilerscarrière rollen er verschillende golven de kuip binnen!





dinsdag 17 maart 2015

17 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 18


Positie: 12°04.87 N – 044°34.72 E                             
1972 Nm afgelegd

Nog 80 nm voor de ingang van de Rode Zee.

De Fee gaat in de voormiddag heel langzaam met kleine zeilen , terwijl Werner aan de startmotor zit te prutsen. Nochtans staat er een ideaal windje om eindelijk nog eens wat mijlen te maken. Tegen de middag kunnen we het niet meer uithouden om zo langzaam te gaan en vragen aan de Fee of ze zeil willen bijzetten, wat ze dan toch doen.


In de namiddag laat Werner ons weten dat de startmotor het weer doet. Pfff we zijn blij, want we hadden al schrik dat ze in Djibouti wilden stoppen om het te laten reparen en omdat we ons geëngageerd hadden om samen met hen naar de Rode Zee te zeilen hadden we voor ons besloten dat we ze nu niet in de steek zouden laten. 

maandag 16 maart 2015

16 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 17


Positie: 14°09.29 N – 042°15.69 E                             
2165 Nm afgelegd

Het is frisjes maar een staat een lekker windje en we maken eindelijk een beetje snelheid. Tegen 21u00 geraakt  de Fee weer in de problemen. Eerst valt hun automatische piloot weer uit en moeten ze het hydraulische systeem weer ontluchten en daardoor geraken ze serieus uit  koers en drijven af.

Om hen niet kwijt te spelen start Dirk de motor, keert de boot en gaan we naar hen op zoek in het donker. Ondertussen is dat lekker windje aangewakkerd tot zo’n 20 knopen en in de rug is dat helemaal oké, maar er tegenin motoren gaat moeizaam. Maar we vinden ze toch terug en iets later werkt de stuurautomaat weer zoals het moet.


Een uurtje later zitten ze weer in de problemen. Eerst geraakt hun geuna in de knoop en als ze dan de motor starten om bij te blijven, slaat die weer niet aan. Weeral een probleem met de startmotor, één waar Werner deze keer niet meteen weet hoe aan te beginnen. Ze zeilen dan maar verder op de fok tegen 2 kn per uur. Het duurt niet lang of we moeten weer omkeren omdat ze zo ver achter liggen en  weer een heel stuk van de koers zijn afgedwaald. Dirk vraagt daarop of ze alstublieft wat meer zeil willen zetten want wij willen hier echt niet tegen 2 kn blijven ronddobberen. Enfin, ze halen de genua dan maar uit de knoop en gaan dan ietsjes sneller.

zondag 15 maart 2015

15 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 16


Positie: 12°14.60 N – 046°05.27 E                             
1876 Nm afgelegd

Eindelijk weer wind! Een rustige zee, rond de 15 kn wind en we zijn aan het champagne zeilen.


Als het donker is horen we de Japanse navy op de radio. Er is een ‘suspect target’ gesignaleerd maar gelukkig 30 nm achter ons. Zeker een visserke dat de dicht bij de traffic lane is gekomen of misschien wel een of andere zeilboot...Een Spaanse militaire boot komt naar de Fee kijken. Ons laten ze met rust maar wij hebben de AIS (Automatic Identification System) opstaan zodat ze ons kunnen identificeren.


zaterdag 14 maart 2015

14 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 15


Positie: 13°23.48 N – 049°45.78 E                             
1650 Nm afgelegd


’s Morgens rond 8 uur gaat er een skiff vlak voor ons door. Ik had de skiff niet op voorhand gespot. Nochtans was ik een hele tijd bezig geweest met de zeilen te trimmen en misschien zat die skiff juist achter het zeil dat ik die daarom niet gezien heb. Enfin ik ga onderdeks een tas koffie halen en wanneer ik terug buiten kom zie ik de skiff vlak voor ons. Ik verschiet me natuurlijk een ongeluk en maak Dirk meteen wakker. Dirk roept meteen de Fee op die een paar honderd meter achter ons zit om hen te waarschuwen. Maar Werner antwoord dat hij de skiff al een hele tijd gezien had. Wel, dat had dan wel mooi geweest als hij ons had verwittigd, zegt Dirk, maar Werner vond dat niet nodig want hij dacht dat er geen gevaar dreigde. De skiff bleef op koers en hield de hele tijd dezelfde snelheid aan. Bullshit...hier in dit gebied is elke skiff een potentieel gevaar. En je kan maar beter voorbereid zijn als het mis moets gaan. En trouwens omdat de Fee geen AIS aan boord heeft verwittigen wij hen altijd als er een groot schip op minder als een mijl van ons gaat passeren, ongeacht of die nu op aanvaringskoers ligt of niet, gewoon omdat zij dan ook onbezorgd kunnen doorvaren en geen koerspeilingen moeten doen.

vrijdag 13 maart 2015

13 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 14

Positie: 13°40.09 N – 050°37.50 E                             
1596 Nm afgelegd

We varen in het midden van de Golf tussen de traffic lanes met een buffer van containerschepen en tankers links en rechts van ons. Helemaal aan de buitenkant van de lanes patrouilleren de Koreaanse, Japanse en Turkse navy,  binnen vhf bereik. Ook vliegt er 2x per dag een vliegtuig over dat altijd naar ons komt kijken. We voelen ons tamelijk veilig maar vergeten toch niet dat we door pirate alley aan het varen zijn.

Na bijna 3 dagen op de motor lijkt het erop dat die vanavond weer uit kan. Eventjes zeilen we dan ook aan een aanvaardbare snelheid, maar algauw doen we nog maar 3 knopen per uur. Werner roept op vhf dat hij echt te weinig wind heeft om te zeilen en de motor weer gaat starten, maar bij ons zal blijven. Als hij te ver voorop zit zal hij stoppen en op ons wachten. Maar omdat 3 knopen zeilen toch wel heel traag is voor hier in de Golf, start Dirk de motor ook weer. Alleen...de motor wilt niet starten... Dirk kijkt alles na: olie, filters, pompen,...en hoewel alles er in orde uitziet start de motor toch niet! Het is even paniek aan boord, want een motor die het niet doet wil je hier echt niet, maar dan krijgt Dirk de ingeving om de stopknop van het motorpaneel eens te controleren en inderdaad, die was blijven hangen. Wanneer die weer los zit start de motor zonder ook maar te pruttelen en draait als een zonneke. Oef...!


We roepen de Fee op om te melden dat alles weer in orde is met onze motor en krijgen als antwoord dat zij nu niet meer kunnen starten. Eén van de bouten van de startmotor is afgebroken. Het duurt zeker 1,5 uur voor het probleem opgelost is en die hele tijd blijven we langs de Fee dobberen, met de vervelende gedachte in ons achterhoofd dat wij nu misschien wel aanzien worden als ‘suspicious targets’ door onze grote collega’s.


donderdag 12 maart 2015

12 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 13


Positie:14°27.00 N – 054°18.83                                  
1376 Nm afgelegd

We zijn alweer anderhalve dag op de motor aan het varen wegens geen of te weinig wind en tanken de dieseltank voor de tweede keer deze oversteek af. Komen tot de ontdekking dat één jerrycan bacterie in de diesel heeft. Hopelijk blijft het bij 1 jerrycan en komen we toe met onze diesel.

Rond de middag zien we 3 Dhows en omdat we nu vlak bij de Hoorn van Afrika zitten, zijn we natuurlijk heel wantrouwig wat die vrachtschepen betreft. Eén van deze schepen komt ook recht op ons af en we voelen de adrenaline weer stromen. We laten hen echter niks merken en houden onze koers tot we er vlak bij zijn en dan wel moeten uitwijken om een aanvaring te voorkomen. Als we het schip passeren zwaaien we vriendelijk naar de crew en  zij begroeten ons lachend terug. Werner steekt zijn vuist naar hen op omdat ze ons kwamen provoceren.

Vlak voor we de Golf van Aden indraaien krijgt de Fee weer eens problemen met het hydraulische circuit van de stuurautomaat. Er zit lucht in het circuit en dat moet eruit en dan moet er nieuwe olie bij.  Daarvoor draait de Fee een paar rondjes ( het stuur moet daarvoor helemaal naar een kant gezet worden) en wij draaien dan maar rondjes mee om bij hen in de buurt te blijven. Vanaf een afstandje lijkt het er misschien op dat we een vreugde dansje maken, maar eerlijk gezegd vinden wij het toch alles behalve plezant om hier zo te treuzelen.

Een uurtje later komt een Japans militair vliegtuig onze richting uitgevlogen en cirkelt twee maal om ons heen. Dirk zet meteen de AIS transmitter op zodat ze ons kunnen identificeren. Tegen de avond komt het vliegtuig nog eens naar ons kijken en we krijgen het gevoel dat er goed op ons gelet wordt, wat ons enorm oplucht. Ook horen we de Koreaanse en Turkse navy regelmatig op vhf , dus die zijn ook in de buurt. Oef...er valt een enorme druk van onze schouders.




dinsdag 10 maart 2015

10 maart 2015 Nazar de Rode Zee. Dag 11


Positie: 13°58.89 N – 057°45.93 E                             
1157 Nm afgelegd

Heel de nacht hebben we geen contact gehad met Fee en pas om 7 uur ’s morgens horen we Werner  weer. Hun roer zit geblokkeerd (!?!) en ze hebben de hele nacht gedrift. Hun navigatie is ook aan de summiere kant, alleen een gps met een paar waypoints. Door de chaos aan boord van de Fee geraken ze niet aan hun navigatielaptop. We vragen hun positie, draaien onze boot en varen naar hen toe.


Een uurtje later meldt Werner dat het roer weer los zit, de automatishe piloot terug werkt en dat ze ons tegemoet komen. Rond 10u30  zijn we weer bij elkaar en zeilen samen verder naar de Rode Zee.

maandag 9 maart 2015

9 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 10


Positie: 13°51.77 N – 058°19.25 E                             
1108 Nm Afgelged
220 Nm voor Socotra en 450 Nm voor Somalië

Rond 20u30, ik lig al te slapen, hoor is Dirk ineens roepen:”Ze hebben de Fee te pakken!” Dirk zag eerst heel veel licht op de Fee, dan vuurflitsen wat hij meteen associeert met kruisvuur ( Werner heeft een pumpgun aan boord en we weten dat hij dat zal gebruiken indien nodig) en dan totale duisternis op de Fee. Ik vlieg meteen mijn bed uit en zie het kruisvuur ook. We roepen naar de Fee op de radio maar krijgen geen antwoord. We roepen ook op vhf, maar langs daar krijgen we ook geen antwoord. Met stomheid geslagen blijven we kijken naar de Fee en blijven regelmatig vuurflitsen zien maar op ons geroep wordt niet genantwoord.

Als de eerste schok voorbij is schieten we in actie en verduisteren onze Narid. Alle lichten gaan uit en over de ledlampjes van het controlepaneel de gps en de navigatielaptop hangen we handdoeken. We maken ons zo onzichtbaar mogelijk, wat tamelijk goed lukt in de donkere avond zonder maan, maar blijven de Fee oproepen, zonder resultaat echter. We houden ook onze koers om zo dicht mogelijk bij de Fee te blijven, maar na een drie kwartier hebben we hen toch uit het oog verloren.

Wanneer de maan opkomt besluiten we toch van koers te veranderen, want we hebben geen idee of de piraten ons ook gezien hebben en straks achter ons komen. We lopen weg in de richting die het voordeligste is met de wind maar blijven regelmatig op ssb en vhf naar de Fee roepen.

Ondertussen roepen we ook de noodfrequenties op om te melden wat we gezien hebben, maar daar krijgen we geen gehoor. Tenslotte sturen we via  de pactormodem een mail naar A.R.E.N.A  een radio amateur station voor noodoproepen en geven de positie van de Fee door waar we ze het laatst gezien hebben.

De adrenaline rusht door ons lijf en we vragen ons af wat er met Soni en Werner gebeurd is en of ze nog wel leven.

Om 23u45, drie uur na het voorval horen we eindelijk Werner op de radio naar ons roepen. Dirk vraagt meteen of alles in orde is met Soni en hemzelf. “Nee” krijgen we te horen. Ze hebben brand aan boord gehad. Een elektriciteitskabel is in brand geschoten en twee van de vier batterijen zijn in brand gevlogen. Ze hebben serieus werk gehad om de brand te blussen. We vragen Werner waarom hij ons niets gemeld heeft en niet geantwoord heeft op onze oproepen waarop hij ons zegt dat alle elektriciteit was uitgevallen. Kon je dan de handheld vhf  niet gebruiken of met je iridium telefoon een mail sturen  vraagt Dirk, maar een mobiele vhf hebben ze niet en de iridium lag onder een hoop rommel vanwege de brand. We hebben nog tal van vragen en vooral wat hun huidige positie is, maar de verbinding valt uit.

We weten nu niet wat te doen, teruggaan en hen gaan zoeken, maar waar moeten we beginnen zoeken in het donker? In elk geval is het zó een opluchting voor ons dat ze beiden ongedeerd zijn dat we ons eerst niet realiseren wat voor  een gevaarlijke situatie zij zojuist overleefd hebben en hoe zij zich moeten voelen.We begrijpen wel dat we de vuurflitsen verkeerd geïnterpreteerd hebben. Het was geen kruisvuur maar heel de Fee stond onder elektrische spanning en de vonken vlogen door de stagen. Maar ja, waar denk je het eerste aan op dit stukje van de Arabische Zee.
               



zaterdag 7 maart 2015

7 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 8


Positie: 13°20.88 N – 063°11.58 E                             
820 Nm afgelegd

We hebben al een paar dagen geen schepen gezien en voelen ons een beetje alleen op de wereld. De spanning is ook te snijden aan boord, want in 2009 werden Paul en Rachel Chandler in de archipel van de Seychellen gekidnapt van hun zeiljacht Lynn Rival en 13 maanden lang gevangen gehouden door Somalische piraten. En dat was niet zó heel ver van waar wij nu zijn.

Met de Fee communiceren we alleen nog via ssb radio en ’s nacht laten we de navigatieverlichting uit. We hebben alleen nog een klein lampje branden dat we naar de Fee richten zodat zij alleen ons kunnen zien en visa versa.

Maar vandaag horen we twee schepen met elkaar communiceren op de vhf radio in een Afriakaanse taal...!




vrijdag 6 maart 2015

6 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 7



Positie: 13°10.31 N – 065°26.40 E                            
688 Nm afgelegd


We vangen eindelijk een vis! Een mooie mahi-mahi. Yessssssssss feest vanavond.

donderdag 5 maart 2015

5 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 6


Positie: 12°51.27 N – 067°04.59  E                           
589 Nm afgelegd

Het was een beetje aanpassen aan beide kanten om met 2 totaal verschillende boten op gezichtsafstand bij elkaar te blijven. Werner en Soni  noemen ons ondertussen ‘Watervlooi’ omdat we maar een zuchtje wind nodig hebben om al  met een mooie snelheid  te kunnen zeilen en wij hebben hun Fee, een stalen langkieler van 20 ton de bijnaam ‘Dumbo’ gegeven. Moeilijk vooruit te branden maar eens in gang ook weer moeilijk te stoppen. Maar uiteindelijk lukt het toch om op minder dan een mijl van elkaar te zeilen, ook ’ s nachts.


dinsdag 3 maart 2015

3 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 4


Positie: 11°47.19 N – 071°15.49 E                                            331Nm  afgelegd                                                                                                                                                                        Om 5 uur ’s morgens, tijdens mijn wacht nog,  bijt er een vis in onze haak. Dirk spurt zijn bed uit om de vangst binnen te halen maar het is een groot beest dat met onze haak gaat zwemmen.... Doemme.





maandag 2 maart 2015

2 maart 2015 Naar de Rode Zee. Dag 3


Positie: 11°25.38 N – 072°41.88 E

Na 250 nautical mijl en 38 uur varen kan de motor eindelijk uit. Wanneer Dirk de bilge daarna checkt zit die vol koelvloeistof! Een leiding van het koelcircuit van de motor is beginnen lekken.  Gelukkig is de lek snel gevonden en gemakkelijk te herstellen. In de achterste bakkist vlak bij de warmtewisselaar is er een klein gaatje in één van de leidingen. Met gewoon het slechte stuk er vanaf te knippen en de leiding een paar centimeter korter te maken is het probleem opgelost. Wel een chance dat de leiding pas is beginnen  lekken wanneer de motor al uitstond en de motor dus niks ondervonden heeft van het probleem want anders hadden we wel eens dik in de penarie kunnen zitten. En het is toch curieus dat zoiets altijd gebeurt net als je midden op zee zit .




















zaterdag 28 februari 2015

28 februari 2015 Naar de Rode Zee, Dag 1


Om kwart voor acht zijn we er helemaal klaar voor om aan de langste (in dagen en niet in nautical mijlen) en meest gewaagde oversteek te beginnen. We gooien los en  Dirk vraagt  toestemming aan Cochin Port Control om de haven te verlaten, maar die antwoorden niet. Na een tweede oproep geven ze nog altijd niet thuis maar wanneer ik oproep krijg ik meteen antwoord.  ‘Yes Ma’am,  you can go, just keep clear of the ships entering the port’.  Toch wel straf die mannen hier, toen Dirk 20 dagen geleden toestemming vroeg aan port control om van de quarantine zone naar de marina te mogen varen kreeg hij een half uur aan een stuk geen antwoord, maar als ik ze opriep waren ze daar direct met hun permission.

Maar zelfs met toestemming laten ze je hier in Indië nog niet zomaar gaan. Wanneer we het gebouw van Custom passeren, komt er nog snel  een klein speedbootje op ons afgevaren met twee douaniers  in. Oeije oei denken we ...sebiet mogen we toch nog niet weg...maar ze willen alleen ons clearance document zien en vooral de datumstempel die erop staat. Ja watte...gelukkig hebben ze ons daarvoor gisteren terug naar de Customs laten gaan, want anders hadden we nu in de problemen gezeten.

Allez, dat was het dan denken we ...bye bye India...maar we zijn nog geen mijl de haven uitgevaren of onze motor verslikt zich. Iets in de propellor. Dirk springt  meteen overboord en komt terug boven met een rijstzak die rond de propeller zat.

Er staat nieg genoeg wind om te zeilen, maar dat hadden we verwacht. Daarom ook hebben we nog twee extra jerrycans diesel aan boord gehaald. Als de weersvoorspelling klopt dan hebben we de eerste twee dagen heel lichte tot geen wind en zou het vanaf dat we een honderd mijl uit de kust zijn beginnen waaien. We zien wel.  Het voelt in elk geval toch goed dat we weg zijn en wachten op wind was voor Dirk geen optie.




vrijdag 27 februari 2015

27 februari Uitklaren Cochin



Uitklaren uit Indië duurt al bijna even lang als inklaren. Bij Port Captain net als bij Immigratie gaat het wel vlot,  maar bij de Customs zitten we weer een paar uur te geelogen. We worden door dezelfde mevrouw geholpen als bij het inklaren en ze is weer even druk bezig met onze papieren als 3 weken geleden, maar wat ze nu precies doet is ons echt een raadsel. Uiteindelijk na 3.5 uur wachten krijgen we onze  vlaggenbrief terug en onze Port Clearance. Maar ver geraken we er niet mee. We hebben misschien nog maar een kilometer gereden met de rickshawtaxi terug naar de boot of we worden ingehaald door iemand van de douane op zijn brommerke. We moeten terug naar het kantoor zegt hij. Oke’, wij dus terug met een bang hartje van ‘wat nu?’. Nu ons madammeke was een datumstempel vergeten te zetten op de Port Clearance. Enfin, deze keer duurt het maar 5 minuutjes om het in orde te brengen en dan zijn we echt klaar om morgenvroeg te vertrekken richting de Rode Zee.


donderdag 26 februari 2015

Cochin 9 februari tot 26 februari


Bijna 3 weken blijven we in Cochin en in de Bolgatty Marina. De marina is eigenlijk wel een dikke farce . Ze is amper vier jaar oud en valt al uiteen. Letterlijk, de houten pontoons zijn  zo verrot  dat de manager van de marina, die niet kan zwemmen, een zwemvest draagt als hij over de steigers loopt en het is een gek zicht, maar hij heeft wel een beetje gelijk, want toen onze buurvrouw ons kwam begroeten zakte ze gewoon door een rotte plank door. Eigenlijk is de marina levensgevaarlijk en als je van boord stapt moet je dat heel voorzichtig doen en zeker in geen enkel geval springen. We vinden  daarom 14 € per dag heel veel geld voor wat je maar krijgt en dat in een land waar het gemiddelde loon op 3.00 € per dag ligt, maar met de volgende oversteek in het verschiet is de luxe van onbeperkte elektriciteit en een kraan waar water blijft uitkomen ons dat waard. Er zijn namelijk nog wat dingen boven water gekomen die moeten gemaakt of hersteld worden en het is toch wel de bedoeling om hier te vertrekken met een boot in tip top conditie die gezien mag worden. Alhoewel we de romp expres niet poetsen in de hoop dat een grauwe romp iets minder opvalt op zee dan een blinkende witte.

Cohin (=Kochi) is een grote drukke stad maar ik ben er wel graag. Net zoals de Andamans is het totaal verschillend van het noorden van Indië. Ik dacht eerst dat Indië misschien zo hard veranderd was in al die jaren (15 jaar geleden ben ik met de rugzak 4 weken door Indië getrokken) maar een paar backpackers vertellen ons dat het daar nog altijd hetzelfde is. Het is er ontzettend druk en overbevolkt, vies vuil en vettig en de Indiërs zijn er helemaal niet zo vriendelijk. Maar Cochin is helemaal anders. Maar ja, naar het schijnt is Cochin  het Saint Tropez van Indië. Het is hier dan ook wel heel toeristisch maar dan met lokale toeristen. De rijke Indiër die naar zee op vakantie gaat. Echt veel cultuur is er ook niet in deze streek, maar wel veel spa’s en ayuverdische instituten. Maar de mensen zijn hier gemoedelijk en vriendelijk en het eten is hier fantastisch lekker. Meestal eten we vegetarisch maar de curry’s zijn dan ook zo rijkelijk van smaak dat we vlees gewoon niet missen. En als Dirk zijn stukje vlees niet mist,  dan wilt dat wat zeggen.



Dirk vindt Indië iets minder als ik, maar die heeft vooral problemen met de bureaucratie hier.  Zo geraken we bijvoorbeeld niet aan een data sim-kaart voor internet. Als je zo een sim-kaart (zowel met belwaarde op of data) wilt kopen moet je een kopie van je paspoort voorleggen, een pasfoto, de naam van je vader (!) en als buitenlander een adres in Indië, verstrekt door de hotelmanager (of marina manager) ofzo.  Nu kunnen we dat allemaal voorleggen maar...op onze Belgische paspoorten, (evenals de ID kaart of rijbewijs) staat geen adres meer vermeld en dat blijkt een groot probleem te zijn voor de Indiërs. Zonder een officieel document waar je adres op staat kan je het gewoon vergeten om een sim te krijgen, punt, gedaan. Nu geraken we wel via een Indiër die in de marina werkt aan zo een kaartje voor internet, maar het is toch eigenlijk te gek voor woorden dat ze daar zo moeilijk over doen.

Na twee weken zijn we klaar om verder te gaan en heb ik zowat een hele supermarkt aan boord gesleept, maar Werner en Soni van de Fee zijn dan nog maar pas aangekomen en die hebben nog even werk aan hun boot want die hebben schade opgelopen tijdens een squall (een wolk met veel wind in die meestal uit een andere richting komt als de heersende wind en waar dikwijls regen of onweer bijzit)  in de Golf van Mannar. Dus wij houden dan nog een weekje vakantie en denken erover om een paar dagen de highlands in te trekken en naar de thee plantages te gaan, maar uiteindelijk staat onze kop er niet echt naar met de volgende oversteek in het verschiet.

Indische zee zigeuners


Chinese visnetten






maandag 9 februari 2015

9 februari Inklaren Cochin II


Om half tien gaan we naar de havenkapitein en zitten er 1.5 uur te wachten, voornamelijk tot het inningskantoor van de havenrechten open gaat. We waren inderdaad een half uur te vroeg, maar desondanks verontschuldigd de havenmeester zich uitgebreid dat we zo lang moeten wachten om die 10€ die we schuldig zijn aan Cochin haven, te kunnen betalen.

Met het betalingsbewijs van de Port fees moeten we dan naar het kantoor van Customs. Daar wordt de bundel papieren die onze vriend ons gisteren heeft doen invullen opgediept en moeten we een papier opstellen dat we onze originele vlaggenbrief in bewaring geven bij de douane tot we weer vertrekken. Nu stellen we dat papier zonder problemen op want we hebben een mooie kopie van de vlaggenbrief meegenomen en hebben de originele netjes verstopt aan boord. Als dat afgehandeld is zegt de beamte die ons helpt dat we eventjes moeten wachten. Maar dat eventjes wordt 3.5 uur! Waarop? Dat weten we niet. De mevrouw die met onze papieren bezig is lijkt heel erg druk bezig maar veel resultaat zien we niet. Ze loopt van jet naar jaar, neemt ons in heb begin mee van het ene kantoor naar het andere waar we dan buiten moeten wachten en parkeert ons uiteindelijk ergens op een bankske. Wanneer we dan tegen een uur of 2 ’s middags scheel zien van de honger komt er iemand, het hulpje van de cel ‘drugs’ ons ophalen en begeleid ons naar de kantine waar we iets kunnen eten. Uiteindelijk, na 3.5 uur krijgen we van de douane één document, zeer belangrijk zeggen ze ons want als we dat kwijtspelen krijgen we onze vlaggenbrief niet terug en mogen dan gaan.


Ondertussen is het al half vier in de namiddag en haasten we ons naar de Bolgatty Marina voor het laagtij is, want bij laagwater geraken we daar niet  en leggen ons daar voor 19 dagen aan een vingersteiger.

Bolgatty Marina

zondag 8 februari 2015

8 februari 2015 Inklaren in Cochin


Om half negen gaan we, lekker uitgerust na een rustige nacht slapen, ankerop en varen een uurtje later de haven van Cochin binnen en zijn blij dat we gewacht hebben op daglicht. Onze kaart is namelijk niet helemaal spot on en  er staat veel stroming en dan is het wel zo plezant om iets te zien ipv op de tast onze weg te moeten zoeken.

Cochin Port

In de haven zelf moeten we wachten op een bootje dat ons assisteert bij het ankeren en ons bijna op de grond laat lopen. Wanneer het anker nog niet goed en wel op de grond ligt, springen er al 2 man van Immigratie aan boord.  Die hebben maar een paar vragen en zeggen ons dat we, nadat Custom geweest is we op hun kantoor verwacht worden met onze paspoorten.

Custom moeten we weer zelf gaan afhalen aan de kant. Deze keer is het maar 1 man in uniform die ons een hele bundel papieren doet invullen en graag eens even binnen snuffeld, maar voor de rest helemaal niet moeilijk doet over niks. Zelf niet over het feit dat we een beetje te veel bier (ietjes meer dan 1 lieter per persoon;-p) bij hebben. Hij vindt het zelfs precies wel gezellig bij ons aan boord en nodigt ons uit voor de lunch als we klaar zijn met Immigratie. We weten niet zo goed wat we die uitnodiging aan moeten, maar accepteren toch maar. Hij neemt ons mee met de auto naar een goed restaurant en we zijn erop voorbereid om straks een serieuse rekening voorgeschoteld te krijgen maar...we mogen helemaal niks betalen! Stel je voor. In de Andamans worden we bestolen door de Douane en in Cochin worden we getrakteerd door de Douane!


Enfin, na de lunch worden we weer netjes bij onze boot afgeleverd en omdat het zondag is moeten we wachten tot morgen om de inklaringsprocedure verder af te werken.